Emotionele intimiteit is het gevoel dat jullie elkaar allebei zien en horen, en dat wat voor jou belangrijk is, ook belangrijk is voor je partner. Niet alleen gehoord worden in wát je zegt, maar ook het gevoel delen van wat daaronder ligt. Het is vertrouwen en open communicatie
en de moed om je kwetsbaarheid aan elkaar te laten zien.
Het is niet hetzelfde als een avond samen op de bank zitten. Het is weten dat als jij zegt “ik voel me niet goed”, je partner niet meteen met een oplossing komt, het probleem groter maakt dan het is, of wegloopt — maar blijft. Emotionele intimiteit is daarmee niet zozeer iets wat je
doet, als wel iets wat je lichaam voelt: veilig genoeg om af te dalen naar wat er werkelijk speelt, in het vertrouwen dat je daar niet alleen in gelaten wordt.
Emotionele intimiteit is ook niet dat jij alles deelt met je partner, terwijl je partner goed luistert maar zelf niets terugdeelt. Het is wederkerig — jullie delen allebei. Extra lastig wordt het wanneer je pijn voelt in de relatie en wilt delen wat je mist of verlangt van je partner. Je partner kan dat gemis dan opvatten als verwijt, of het persoonlijk nemen: “ik doe het dus niet goed.” Precies hier ontstaat vaak het negatieve patroon tussen een stel.
Het voelt als het hebben van dezelfde frequentie — samen hetzelfde voelen, op hetzelfde moment. Je vraagt er niet naar met de woorden “ik wil graag emotionele intimiteit”. Voor iemand die is opgegroeid met de boodschap dat het tonen van gevoelens kwetsbaar — of zelfs gevaarlijk — is, klinkt dat woord als een taal die hij niet spreekt.
Ervaringen uit het verleden leerden hem of haar ooit: ik red mezelf wel, voelen maakt me afhankelijk, en afhankelijkheid is onveilig. Ik deel niet wat me nu zo raakt. Dat was ooit een slimme overlevingsstrategie. Nu houdt diezelfde strategie juist de afstand in stand die jullie in de relatie voelen. Vanuit de maatschappij is dit mannen vaak minder aangeleerd dan vrouwen: gevoelens tonen werd — en wordt soms nog steeds — gezien als een teken van zwakte. Wat wél werkt, is het concreet en lichamelijk maken in plaats van conceptueel.
Bijvoorbeeld door te vragen: “Kan ik delen hoe ik me voel?” In plaats van te zeggen: “Jij deelt je gevoelens nooit,” kun je zeggen: “Ik merk dat ik je mis, ook als je naast me zit.”
Benoem ook wat het mét jou doet — niet als verwijt, maar als kwetsbaarheid. “Als ik niet weet wat er in je omgaat, ga ik zelf verhalen verzinnen — en meestal zijn die verhalen niet eens waar.” Dat laatste zinnetje is vaak het meest ontwapenende, omdat het je partner niet aanspreekt op een tekortkoming, maar uitnodigt in jouw binnenwereld — precies de plek waar je partner, door zijn of haar geschiedenis, nog niet heeft kunnen kijken.
Wanneer deze signalen vaak wegvallen, is de kans groot dat de emotionele verbondenheid tussen jullie onder druk staat. Er zit meestal een ouder patroon onder, dat teruggrijpt op diepere hechtingsvragen. Het zijn vragen om eens rustig over na te denken:
Het verlies van emotionele intimiteit kan ontzettend eenzaam voelen. Een diep gemis. Maar patronen kunnen doorbroken worden – als er de bereidheid is om eerlijk te kijken, je kwetsbaarheid te tonen, het ongemak te verdragen en opnieuw te kiezen voor elkaar. En zo te werken aan een nieuwe, veiligere verbinding tussen jullie. Vanuit mijn eigen ervaring weet ik dat dit mogelijk is.
Neem vooral contact met me op, als ik jullie in dit proces mag begeleiden — met rust, zonder oordeel en met aandacht voor wat er écht speelt.
Je hoeft niet “op het punt van breken” te zitten.
Juist eerder starten kan veel voorkomen.
Rianne Ruiter
Weerdsingel Oostzijde 8, Utrecht
KvK: 83427597
Wil je inspiratie ontvangen?
Als je contact opneemt word je automatisch ingeschreven voor de nieuwsbrief.
Website door Rose Hulscher